26-04-04

AUDERGHEM - 24 APRIL 2004

Begin september staat iedere Vlaming wel klaar om te gaan gordelen , te voet of met de fiets in de grote manifestatie ‘ de Gordel rond Brussel ‘ . Toevallig vielen onze ogen vrijdagavond op een organisatie van ‘ Section Marche Stib Brussels ‘ met ergens start nabij de Delta gebouwen in Auderghem. Ons onbekend weliswaar , maar met de veel belovende woorden , tocht aan de rand van de Brusselse voorstad , groenrijke omlopen en traject in het Zoniënenwoud , waagden we dan toch maar onze kans om ook eens rond Brussel te stappen.

 

De start was eigenlijk moeilijker te vinden dan ik had gehoopt , maar ja wie nu éénmaal de verkeerde afrit neemt nabij onze hoofdstad moet wat zoeken uiteraard , tot een vriendelijke man van het rode kruis me bijtijds kon melden dat de startplaats zich wel degelijk op 200 meter bevond in de gebouwen van onze Franstalige NMBS ‘ la STIB ‘ , dus en we eigenlijk niet zo veel verkeerd gereden waren.

 

Veel beweging was er blijkbaar niet en achteraf vonden we het wel jammer dat slechts zo weinig deelnemers aan deze organisatie hadden deelgenomen. Want een verrukkelijk weertje , bracht ons langs een mooie wandeling in de omgeving van Auderghem en Watermael-Bosvoorde , waarbij  natuurpaden en prettige bezoekjes aan heel wat stemmige Brusselse stadsparken , ons van de éné verwondering naar de andere brachten.  En er blijkbaar aan de rand van onze hoofdstad best nog heel wat groene strookjes zijn.

 

Al heel vlug zelfs werden we via hoge buildings door een eerste stukje groen van het ‘ Parc ter Coigne ‘ geloodst .  Het viel ons op dat de Brusselaars hier hun rust vinden bij een partijtje jeu de boules  of zelfs in de plaatselijke vijver hun vislijntje uitsteken.  Wij hadden vooral oog voor het ‘ hof ter Coigne ‘ , een 15de eeuwse grote boerderij  die midden het betongeweld hoogdringend aan restauratie toe is.  Vandaar ging het dan klimmenderwijze naar het Sint Clemenskerkje , die reeds van rond 914 zou dateren. 

 

Hierna volgde een plejade  van brede lanen omgeven door prachtig bloeiende Japanse kerselaars die ons na een viertal kilometers brachten naar een eerste rust in het lokaal van de plaatselijke rode  kruis afdeling (vandaar dat die man wist waar de tocht was misschien). Wat hierna zou volgen was gewoonweg schitterend , via ‘ l’étang de Watermael ‘ belanden we zo in het ‘ parc Tournay-Solvay ‘. Gecreëerd in opdracht van Ernest Solvay werd dit domein in Engelse stijl op het einde van de 19de eeuw , in opdracht van koning Leopold II geklasseerd . Tegenwoordig is het park vrij toegankelijk en werd op een beperkte oppervlakte de meest uiteenlopende landschapselementen bijééngebracht : alszijnde rozentuin , moestuin , boomgaard , vijvers , kasteelruïne , moderne beeldhouwkunst en loopbrugjes    

Na dit stukje voortreffelijk wandelen , duiken we nu onder een indrukwekkende spoorwegviaduct zomaar het Vuilbeekwoud in.  Er volgde dan ook kilometerslang een stuk ononderbroken natuur wandelen in de omgeving van de Verdronken Kinderen. De bijzondere sfeer die er heerste nabij de "Verdronken Kinderen" houdt wellicht verband met de naam, die een zeker respect afdwingt. In feite is de oorsprong van die benaming terug te voeren tot de kinderen Verdoncken, die de stroomafwaarts gelegen molen overnamen van hun vader. Een foutieve Franse vertaling maakte daar Enfants Noyés van, en via het Frans werd dat in het Nederlands dan Verdronken Kinderen. Maar ook voor wie dat weet blijven deze vijvers ietwat mysterieus, misschien door hun ontoegankelijke oevers (natuurreservaat) waar dode bomen boven de wilde planten en het riet uitsteken.

De rondwandeling die we hier voorgeschoteld kregen had echter nog meer te bieden dan enkel de site "Verdronken Kinderen". De eerste waterpartij die we tegenkwamen was de Hoefijzervijver. En na de Verdronken Kinderenvijver kwamen we nu pas  in de vallei van de Vuilbeek, in weerwil van haar naam een heldere waterloop. Het is er lichter, meer open, en ook deze vallei is voor het grootste deel reservaatgebied. De Droge Vijver aan het einde is sinds kort niet langer droog. De terugtocht ging langs de "tumuli", waarvan niemand kan zeggen of ze dat ook werkelijk zijn, en daarmee ronden we deze mooie wandeling in een van de meest typische hoekjes van het Zoniënwoud af.

En bereikten we zo voor een tweede maal de rust in het Rode Kruis lokaal. Via enkele historische gebouwen alszijnde de Sint Hubertuskerk en het Hooghuis bracht een laatste stadspark ons naar de Warenberg. Een nijdige beklimming zou ons tenslotte afzetten in een rustige sociale woonwijk aan de rand van het Delta station. De rangeerbasis van de Brusselse en Waalse autocar en metrostation.

               



21:04 Gepost door stefba | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.