07-02-07

LE DOUDOU ET ST-GEORGES

17° Marche de Saint Georges

Police de Mons

3 februari 2007

 

Precies 57 dagen na Pasen staat Bergen telkenjaar in het teken van ‘ la Ducasse de Mons ‘ , een 7 eeuwen oude processie met een veeleer historisch dan religieus karakter. Waarbij rond het middaguur de beroemde beklimming van de ‘ Car d’or ‘ plaats vind . De weelderige “ Car d’or “ draagt dan ook het schrijn van de Heilige Sainte-Waudru. Waarna op de grote markt van Bergen iets later op de tonen van de ‘ Doudou ‘ (een populair lied , dat het ritme van de festiviteiten aangeeft) het gevecht van St-George met de draak plaats vind. Het gevecht ‘ Lumeçon ‘ genaamd , symboliseert de overwinning van het goede op het kwade.

Een gevecht met St-George zouden we vandaag niet aangaan, wel deelnemen aan de 17de Marche de St-George van ‘ La Police de Mons ‘, die alzo met hun 50km klassieker , een ode brengen aan hun historische held. In de koelte van een nevelige ochtend verheugden we ons reeds aan een zoveelste Waals wandelavontuur en toen we vanuit het schamele inschrijvingszaaltje meteen het aanlokkelijke Bois de Havré werden ingestuurd , kregen we een veelbelovende opener aangeboden.

De heerlijke natuurdoorsteek was echter van korte duur , toen sombere woonwijken van le Borinage het overnamen op zoek naar een eerste rust. Rauwgrijze straatbeelden passeerden nu resoluut de revue sporadisch opgevuld met een groenrijk doorloopje van het kasteel van Mons-Borinage. De brug over het ‘ Canal du Centre ‘ bracht geen verdere soelaas , integendeel drukke steenwegen zochten hun weg op in de richting van Obourg met zijn Sint-Maartenskerkje. Alwaar het rioleringswater het dorpje middendoor snijd en ons enige tijd als metgezel vergezelde tot een tweede rust. Weinig kleurrijke beelden hadden we tot hiertoe in ons opgenomen van deze wandeling en toen een loodrechte drukke baan omhuld in een sluimerige nevel ons twee kilometer verder bracht naar het dorpje Saint Denis voor een derde rust na amper vijftien kilometer, was de kous helemaal van de dam.

Gelukkig konden enkele dappere Krijgertjes uit Oudenaarde ons alsnog overhalen de volgende lus te stappen. Het schattige dorpje van Saint-Denis gaf voorlopig door de hardnekkige mist maar weinig van haar schoonheid prijs, maar het zou de intro vormen van een majestueuze lus , alwaar de natuur nooit veraf zou zijn ... We werden losgelaten in een overblijfsel van het oeroude bos van Brocqueroie en ritselden ons een weg tussen een opeenvolging van statige dreven en miniscule bospaadjes waarbij het ontluikend groen en de eerste voorjaarsbloeiers schitterden onder de nevelslierten . Iets verder ontwaarden we het statige kasteeldomein van la Roquette met een aftandse oude watermolen , waarna de op- en neergaande wandelpaden langs de kronkelende gelijknamige beek ons bleven bekoren en ons brachten naar ‘ Les Etangs ‘. De glimmende nevelslierten over de fraaie waterpartijen lieten ons wegdromen in het mysterieuze leven van gedrochten en draken die alhier in de vijvers zouden leven en waarbij we als een Don Quichote of Saint George de strijd aangingen met de losliggende kruipende wortels van bomen,overwoekerende aanplantingen en glibberige smeuiïge paden. Als overwinnaars grabbelden we ons tenslotte uit de strijd alwaar we werden overmand in the middle of nowhere door de schoonheid van een ‘ cascade d’eau ‘ en l’ Abbaye de St-Denis de Brocqueroie. En iets later konden bekomen van deze heerlijke lus in een plaatselijke gelagzaal met de fantasierijke naam ‘ Aux Joyeux Asticots ‘’.


 

IMG_8405



De mist had ondertussen plaats gemaakt zodat een enig zicht op het dorpje van Saint-Denis zich tentoonspreidde. Het was dan ook een graswegel bezijden het kerkje dat ons op sleeptouw nam en ons nu de richting van Obourg opstuurde. Kilometers lang moesten we het hierna stellen met een kijkje op de stoomaflatende schouw van de nabijgelegen cementfabriek van Obourg toen een rechte kasseiweg ons rond de oude steengroeven loodste. Niks bijzonders aan dit vrijwel volledig saai stuk tot we uiteindelijk een strookje van ‘ le Canal du Centre ‘ mochten opzoeken. De zon had ondertussen het pleit duidelijk gewonnen , zodat het glimmend wateroppervlak gretig zoog van de gouden stralen en we alsnog wat konden genieten van de ons voorbijschietende natuurimpressies. Het zou ons tenslotte brengen naar Nimy met zijn pittoresk kerkje omgeven door enkele statige knoerten van oude eiken.

We hadden er allang de brui aangegeven en toen enkele vlugge afstandstappers ook al niet veel lovend waren over de bijkomende lus die ons moesten brengen langs ‘ le canal du centre ‘ en ‘ le grand large de Mons ‘, stond ons besluit vast. Het zou een ‘ retour à la salle ‘ worden na 27 kilometers!

Aanvankelijk mochten we nog wat gezellig rommelen met een op- en neergaand stukje onverhard , waarbij alweer de contouren van de Holcimgebouwen aan de horizon prijkten . Het wandelsprookje was echter ook nu weer van korte duur , zodat we uiteindelijk ons maar weer mochten tevreden stellen met de bewoonde wereld van Mons-Borinage en een petieterig stukje Bois de Havré om een eind te maken aan deze laagvlieger van de lange afstand en weemoedig ons soelaas zochten in de schuimende kraag van een Saint-Feuillien.

Jammer want Saint-George had ongetwijfeld beter verdient !

21:20 Gepost door stefba in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.