30-06-07

Pour le souvenir et l'amitié ... 4 jours ensemble

41° Marche Européene du Souvenir et de l'Amitié

 

van 21 tem 23 juli 2007

 

getpic

Klik op de foto voor een uitgebreide fotoreportage omtrent deze 41ste Vierdaagse der MESA

 

Zaterdagavond 23 juni , de deuren van de 41ste editie der Mesa worden achter ons gesloten. Eénmaal in het jaar word gedurende vier dagen lang de spreekwoordelijke rust en stilte van de Luxemburgse Ardennen het decor van Belgisch grootste wandelhappening. Om en bij de 13 à 15000 deelnemers (burgers en militairen) stappen er immers hand in hand in het teken van de vriendschap en de herinnering aan één der bloedigste strijden ooit in de oorlogsgeschiedenis “ La Bataille des Ardennes “.

Wijzelf hadden onze tenten opgeslagen in het pittoreske “ La Roche en Ardenne “ , van waaruit het 1ste en 3de Compagnie der Lansiers ons gedurende vier dagen lang terug een memorabele wandelervaring zou bezorgen. Naar gelang het gekozen kamp kunnen de stappers gedurende vier dagen lang 130 km in lijn of in lus stappen door het heerlijke landschap van onzer " Ardennen ".

 

Dag 1 , bracht ons naar Florenville alwaar het lange lint van wandelaars zich op gang trok voor een gezapige wandeling door ' La Gaume Buissonière '. Het bosrijke landschap en de vallei van de Semois zouden als rode draad door het wandelverhaal lopen , waarbij typische Lotharingse dorpjes als Martué , Lacuisine of Izel een ideale tussenstap vormden om ons terug te begeven langs de heerlijke en uitgestrekte wandelpaden.  Het was nabij de grote halte van Valansart dat de lijntocht (komende uit Etalle) zich bij ons vervoegde , waarna gezamelijk de smeuiïge bospaden van ' Le Bois du Grand Terme ' en ' Le Bois de Watinsart ' werden betreed en alzo een einde werd gebreid van deze eerste dag.

 

Dag 2 , voerde een ellenlange buscollone ons in het hartje van het Groot Hertegdom Luxemburg. Het piepkleine Bavigny gelegen aan de oevers van " le lac de la Sure " vormde de aanvangsfase van onze tweede wandelescapade en vooral van het serieuzere klimwerk. Een kruisweg wijst de weg naar de top van de helling en de donkere contouren van  bos de Harlange. We bevinden ons duidelijk in het hevige strijdtoneel van " la Bataille des Ardennes " , menig oorlogsgedenkteken kruist ons op weg naar het bastion van Bastogne met zijn Memorial of Mardasson

 

Gelegen aan de oevers van de Ourthe , vormt La Roche en Ardenne de uitvalsbasis van de derde etappe. Al vrij vlug blijkt het de koninginetappe te gaan worden , wanneer we gewurgd in de flessenhals van ' la Côte du Grand Strument ' een stijgend brokkenpad worden ingestuurd. Verbluffende panorama's op de vallei van le Haute Ourthe , struwelen van hobbelende paden , avontuurlijke bosdoorsteken en doedelzakklanken zullen ons steevast begeleiden door dit enig stukje zwerftocht van " La Transardennaise ".

 

Met een lijntocht tussen het onooglijk klein dorpje Marcouray en Marche en Famenne vormt dag vier de aphoteose van de 41ste Mesa. Nogmaals kunnen we ons euforisch vergapen aan de heerlijke zichten van " La Famenne ". En wanneer een zoveelste regenbui ons teistert , worden de weidse akkervelden en wandelpaden omgeploegd tot een ware modderpoel. Onze wandelschoenen zuigen zich een weg door de blubber , als volleerde acrobaten en jungleurs proberen we dan maar recht te blijven. Voor ons wordt er geschaatst , gesakkerd , of maakt een zoveelste deelnemer een perte totale. Ook dit is de MESA , doch het landschap blijft ons echter bekoren wanneer we de dorpjes van Werpin en Hotton achter ons laten en in het bos van Fond des Vaux worden gedropt voor de laatste inspanning en een laatste check point van de Vierdaagse.

 

We smukken ons blazoen nog wat op , strooien hier en daar wat felicitaties rond , halen onze herinnering op en zetten finaal koers voor de finale wandelparade , alwaar notabelen , hooggeplaatste militairen en hun gevolg ons gadeslaan vanuit de hoofdtribune.

 

Met een " verre du souvenir et l'amitié " sluiten we deze geslaagde 41ste MESA af , met de hoop er volgend jaar terug bij te kunnen zijn !

 

 

16:40 Gepost door stefba in Algemeen | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

17-06-07

Ondergedompeld in de " Ieperse buitengordel "

De Ieperse  buitengordel

Spiegelstappers Ieper

12 juni 2007

 

Ieper zal zich wellicht de dag van vandaag , bijna 90 jaar later nog steeds weerspiegelen aan de gruwelen die zich hier tijdens de Eerste Wereldoorlog hebben afgespeeld.  Menig monument , begraafplaats of musea lokt ieder jaar duizenden Britse toeristen naar de Ieperse kattenstad.  Maar wat velen echter niet weten is dat Ieper en omgeving , zich ook onderdompelt in een rijke natuurlijke verscheidenheid. 

Een reden te meer om er tijdens een midweekse namiddag deel te nemen aan de ‘ Ieperse buitengordel ‘ van wandelclub de Spiegelstappers en er te genieten van een schitterende wandeling langs de groene longen die de stad rijk is.

Het was een kaarsrechte fietsweg tussen Ieper en Zillebeke  , die ons op weg zette in het landschap waarbij een betoverend zicht op het fraaie torenwerk van Ieper onze volle aandacht schonk.  Het zou ons brengen nabij Zillebekevijver , waarbij enige tijd de grote waterplas ons metgezel zou vormen langs de gezapige onverharde wandelpaden en weelderig bloeiende oeverbermen. Op de waterspiegel vergaapten we ons aan een murw van wroetende futen , die naarstig hun verblijfje aan het opkalfateren waren. Of de merkwaardige aalscholver die steevast zalig profiteerde van het diepere water op zoek naar zijn volgende visprooi.  Waarna een statige kastanjedreef de rondgang compleet maakte en we ter hoogte van het gelijknamig restaurant & tearoom kopje onder mochten gaan in de pracht van de ‘ Verdronken Weiden ‘.

Verende graspaden slingerden zich door dit heerlijk ontwikkelingsgebied en drinkwaterspaarbekken. Het domein werd dan ook ingericht om overstromingen van de stad Ieper te vermijden , waarbij het geheel door de Groendienst van Ieper en de afdeling Natuur werd uitgebouwd tot een enig natuur- en vogelparadijs. Vanop de hoge dijkberm kregen we een enig zicht op deze groene biotoop en konden we vanuit een kijkhut ons naar hartenlust verstaren aan een overvloed van watervogels.  We vervolgden onze trek langs de bloemrijke hooilanden en het ogenschijnlijk ‘rommelig’ landschap alwaar schapen en runderen grazen tot aan een moerasbosje alwaar reuzenpaardenstaart weelderig tiert  ons tenslotte terug de Ieperse binnenstad injoeg langs de Rijselpoort voor het opzoeken van een eerste rust.

Heel lang duurde het niet toen we enkele straten verder , ter hoogte van het kleine ingetogen ‘  Ramparts Cemetery  Lille Gate“ , de brede Majoorgracht opzochten en ons poëtisch lieten inspireren door de schilderachtige hoekjes die deze oude Vaubanvesting te bieden had. Ingetogen treurwilgen spiegelden zich koket in het nagenoeg rimpelloze water, terwijl de torens van de Sint-Maartenskathedraal en de Lakenhalle zich gracieus weerspiegelden aan de horizon. In een uitspringende hoek van de Bourgondische muur stond een reiger statig te staren naar een niks vermoedende speelse kolonie kleine visjes.

Klik op de foto voor een uitgebreide fotoreportage.

ieper 120607 024

 

Waarna de wandeling koppig aan het groene aspect vasthield , toen we ter hoogte van het Ieperse station de richting werden uitgestuurd van het verkommerde kanaal Ieper-Komen , dat ooit de Ijzer met de Leie moest verbinden.  Onvoldoende kennis van de ondergrond deden de werken keer op keer mislukken en de Eerste Wereldoorlog zette dan maar definitief een punt achter de plannen.  We waanden ons dan ook gelukkig dat we vandaag konden genieten van dit prachtig stukje groen lint dat ons in rechte lijn bracht in de omgeving van het militair domein en de Ieperse legerkazerne. 

Het zou ons andermaal brengen naar de Verdronken Weiden , die we nu van een andere kant mochten doorkruisen en waarbij we vooral een betoverend uitzicht verkregen op de donkere groenrijke ruggen van de West-Vlaamse heuvels en de historische skyline van Ieper.  Tenslotte stonden we terug voor de muren van Ieper en zijn Rijselpoort , alwaar een trits van steegjes en de 12de eeuwse Sint Pieterskerk ons de weg aanwezen voor een tweede rust in trefpunt “ De Spiegel “.

Er restte ons nog een tweetal kilometer , waarbij ook nu duidelijk de groene kaart werd doorgetrokken.  Onder de Ieperse kazematten door , kregen we dan maar een stukje vestigingsroute voorgeschoteld , waarbij het gloednieuwe en best te versmaden ‘ Hoornwerkpark “  met zijn stukjes moerassen , graasweiden, een geboortebos en diverse hoogstammige boomgaarden meteen de apotheose vormde van een bovenal genietbare en groenrijke midweekwandeling.

 

11:58 Gepost door stefba in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

12-06-07

HET ZAL U MAAR OVERKOMEN ...

image_431d4166aaa0d     Pompeschitterstocht

Velodroomvrienden Moorslede

10 juni 2007

 

Het zal je maar overkomen , tijdens de plaatselijke jaarlijkse kermis teveel pruimentaart verorberden  en te veel bier drinken , zodat je in de feestroes niet meer tijdig het toilet thuis kan bereiken.  Dan zit er maar niet anders op dan zijn behoefte in ‘ de pompebak ‘  (dorpspomp) te doen , moet volgens de overlevering ooit een inwoner van Dadizele hebben gedacht.  Het verhaaltje ging natuurlijk lopen als een vuurtje en de inwoners van Dadizele  kregen er dan maar de scheldnaam ‘ Pompeschitters ‘ toe mee bedeeld.

pomp1

Meteen een unieke reden waarom de Velodroomvrienden dan ook hun tocht onderdompelden onder de benaming Pompeschitterstocht.  Gelukkig kregen we voor onze komst geen stukje pruimentaart cadeau  , doch een gratis chocolade sneukel . Zodat we enigszins gerustgesteld onze zondagse wandelescapade konden aanvatten.  Het ging alras via enkele nieuwe verkavelingen in de richting van de Dadizeelse hoofdas met zijn 19de eeuws basiliek, daar alwaar reeds sinds de 14de eeuw  zowat iedereen uit de streek  ‘ een ommegang ‘ kwam maken. 

Nadat we de dorpskern verlaten hadden , leidde de statige Spaanse kapel en het New British Cemetery ons binnen in een erg landelijk gebied, waarbij aan de horizon nogmaals duidelijk werd hoe de bedevaartskerk zijn suprematie etaleerde. Een resem van gezellige devotiewegels liet ons nog eventjes dicht tegen de woonkern aanleunen , waarna we ons hierna via de privéwegel van een fruitteler en de imposante Vlinderbeekhoeve , steeds dieper in de landelijke rust van een schaars bebouwd gebied begaven .  

Op een rustige manier kabbelde onze wandeling zich best avontuurlijk verder  door het landschap a de Pompeschittersgemeente , via een resem van lange karrensporen , brokkenpaden ,  graswegels  en erfdoorsteken  waarbij we eventjes zelf wat verfijnd varkensaroma mochten opsnuiven.  En kort hierna het wandeltraject zelf een tikkeltje spectaculair werd toen de parcoursmeester ons zowaar een geïmproviseerde smeuïge wegel instuurde dwars door een maïsveld, teneinde een eerste rust te treffen in zaal ’t landhuys  op de Artoishoek.

Hierna liet een kronkelend wegje nu onze blikken uitwerpen op de grillige akkers en  glooiende weiden van het gehucht ‘ Pekke ‘ . Heel eventjes mochten we zelfs flirten met de dorpsgrens van Menen , alwaar we nu een voortreffelijke lus van de Bedevaartsfietsroute werden voorgeschoteld in de richting van Moorsele.  Een minuscule bult domineerde het landschap , meteen ons volgend stapdoel wanneer het pad ter hoogte van het Kezelberg Britisch Cemetery  een nieuwe wending nam en ons nu langs de flanken van de gelijknamige Kezelberg stuurde.  Het was dan ook een trits van onophoudelijke stukjes onverhard die ons verder op sleeptouw nam en ons ondertussen een enig zicht gunde op de nabijgelegen Leievallei  en zijn menig kerktoren.  Tenslotte bereikten we terug de Artoishoek , alwaar we andermaal konden uitrusten in het stemmige zaaltje van ’t Landhuys.

En ook hierna bleef de wandeling scoren met  een sliert van rustige wegjes , waarbij we allengs de statige Onze Lieve Vrouw Basiliek van Dadizele weer vol in beeld kregen.  Ter hoogte van de “ Vijfwegen “ bracht een omtrekkende beweging ons op het traject van het plaatselijke ‘ Pompeschitters wandelpad ‘ , waarbij we een stukje van de ‘ Grote Ommegang ‘ voor onze voeten werden geschoven. Uiteindelijk bereikten we terug het centrum van Dadizele en mochten we zowaar onze wandeling gaan kleuren met een omstandige trek door het domein Mariënstede.  Prettige wandelpaden loodsten ons kriskras door het domein , waarbij we achter een glimmende vijver nog maar eens een enig zicht kregen op de fraaie architectuur van de basiliek.

Meteen het einde van een best ‘ TE PRUIMEN    Pompeschitterstocht !

 

11:40 Gepost door stefba in Algemeen | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

08-06-07

Tijl Uilenspieghel achterna ...

Brugge Damme Sluis Brugge

Wsjv Brugsche Globetrotters

2 juni 2007

 

Op een steenworp van het historische Brugge , ligt midden de polders een schilderachtig middeleeuws dorpje genaamd naar Damme.  Het dorp kreeg de naam mee van Uilenspieghelgemeente , en vanuit de levenslustige toeristische dorpskern kan men dan ook enkele prachtige uitstappen ondernemen in het Brugse Ommeland en de nabijgelegen poldergemeenten.

De schoonheid van dit enig stukje Vlaanderen , moet ook de wandelclub “ de Brugsche Globetrotters “ niet zijn ontgaan, want reeds enige jaren staan ze in voor de wandeltocht  Brugge Damme Sluis Brugge . Met een ruime keuze van afstanden gaande van 6  tot zelfs 50 km slingeren de wandelwegen zich  door het hinterland met de respectievelijke  dorpen van Damme en Sluis als uitvalsbasis. 

Een aanlokkelijk ochtendzonnetje bracht ons dan ook in de vroege ochtend van 2 juni richting Sint-Kruis-Male  , gekend omwille van zijn Sint-Trudoabdij van Male.  Wie van een stukje Vlaamse geschiedenis houdt , zal dan ook beslist weten dat dit militaire bolwerk  jaren lang de verblijfplaats was van de Graven van Vlaanderen en dat het gebouw pas in 1954 in handen kwam van de zusters kanunnikcessen van het Heilig-Graf . Ze maakten er hun permanente woonst van , waarbij ondertussen nog een dertigtal kloosterzusters in het domein verblijven.

 

 

Het was vanuit het nabijgelegen zaaltje  ’t Couvent dat we onze wandelescapade aanvatten via een groenrijk strookje van aanpalende residentiële villawoningen . Statige beukendreven en lommerrijke linden  laten ons kaarsrecht dwalen in de richting van een ander stukje Vlaams erfgoed. De kasteeldreef van het domein Rooigem neemt ons op sleeptouw langs de pas gerestaureerde gebouwen , die  van 1720 tot de Franse tijd dienst deden als buitenverblijf van de Brugse bisschoppen.  Waarna een statige vier rijen dikke eikenlaan met de toepasselijke benaming “ Bisschopsdreef “  ons brengt naar een stukje oude invalsweg van de zogenaamde “ Paallanden “.

Het was zo dat de stad Brugge eeuwenlang eigenaar en planter van de bomen langs de verschillende toegangswegen naar de stad toe was. Dit plantrecht reikte tot aan de zogenaamde paallanden , en dit was zo anderhalve tot twee kilometer breed rondom de stad.  Tot op het einde van de 13de eeuw , had het ook een beetje de bedoeling om het gepeupel dat buiten de Brugse omwalling woonde onder controle te houden. Het randgebied werd dan ook met palen afgebakend , vandaar de naam “ paallanden “.

Tenslotte bereiken we terug de leefkern van Sint-Kruis , waarbij we in het zog van de neogotische Kerk , een eerste rust treffen in het clublokaal van de organiserende wandelclub.  Na de afstempeling maken we  eventjes toertje om rond de behuizing  , waarna een groen doorsteekje en een schamel brugje ons de weg aanwijst van “ het Zuidervaartje “.  We krijgen meteen het gezelschap van een trits ritselende schots en scheefse populieren , kwetterende eenden , schuchtere waterhoentjes en hengelaars , terwijl achter ons de contouren van het historische Brugge zich aan de horizon weerspiegelen. Het oude krinkel de winkelende  kanaallandschap met dijken uit de 12de & 13de eeuw brengt ons tenslotte naar een middeleeuwse voorhaven van Brugge.  Het pittoreske Damme met zijn gezellige witgekalkte geveltjes en eethuisjes  nodigt zo uit tot een grondigere kennismaking.  Reeds van ver was ons oog gevallen op de stoere platte toren van de Onze Lieve Vrouwenkerk , die als een baken regeert over het dorp en zijn polderlandschap.   Hij maakte dan ook de introductie tot een tweede rust in het plaatselijke oude schooltje en kunstatelier van Delporte .  Damme illustreert zich dan ook tegenwoordig als een waar kunstenaars- & boekendorp , waarbij wel in ieder hoekje of steegje zich een idyllisch tafereeltje profileert en we ons in tussenwijl vergapen aan de sierlijke historische 15de eeuwse gebouwen van het Sint Janshospitaal , Huyse de Grote Sterre of  het gotische stadhuis  uit 1464 met het standbeeld van Jacob van Maerlant - den Dietschen dicht'ren vader -.  Doch als er één figuur is die onafscheidelijk wordt geassocieerd aan Damme , dan zal het wel “ Tijl Uilenspiegel “ zijn.  Overal is de geest van deze volkse figuur wel in Damme terug te vinden.  In het verhaal uit 1867 van Charles de Coster , trekt Tijl erop uit  met Nele (zijn vriendin) en lamme Goedzak (zijn beste vriend) om samen met de Geuzen te strijden tegen de Spanjaarden.  In het verhaal is Uilenspiegel hier geen grappenmaker meer , maar een ware volksheld die ten strijde trekt tegen de vijand.

Ga tevens een kijkje nemen aan de bijhorende fotoreportage , door op de foto te klikken.

Brugge 20607 016

 

Het is dan ook de ludieke Tijl Uilenspiegel beeldengroep die ons nu resoluut de weg aanwijst van de Damse Vaart en zijn tolhuisje.   Eens de brug over wiekt en wenkt de Schellemolen hoog boven  zijn directe omgeving langs de waterspiegel van het kanaal. Waarna we ons mogen opmaken voor een verademde tocht langs de oevers van het zogenaamde Napoleonkanaal. ,die eertijds vanaf 1810 door Spaanse  krijgsgevangen in opdracht van Napoleon Bonaparte werden uitgegraven. Bonaparte wilde immers via een kanaal dat Brugge met Breskens zou verbinden , ontsnappen aan een continentale blokkade. Bij de val van de Franse keizer , reikte het kanaal tot in Hoeke , en werden de werken dan ook gestaakt. Het was pas in 1858 dat de werken werden hervat , maar bij gebrek aan financiële middelen ter hoogte van Sluis definitief werden gestopt.  

Knotwilgen en canadapopulieren begeleiden ons een tijdlang langs de dijken terwijl hun wortels de aarde vasthouden.  De bermen kleuren met wilde kruidachtige bloeiers , terwijl een luidruchtige bende kolganzen iets verder op het watervlak neerstrijkt, wanneer we de richting van Koolkerke uitkiezen.  Iets verder maakt ons pad een zijsprong naar het provinciaal wandeldomein  Oud Fort Beieren met zijn ruïnes van de oude wal.

Nog eventjes wat lanterflanteren langs de boorden van het Zuidervaartje en algauw bereiken we terug de leefkern van Sint Kruis , alwaar een laatste groen doorsteek van de “ Beukendreef “

 

22:11 Gepost door stefba in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |