24-07-07

WANDELAARS VERTELLEN ... Van Pater tot Trappist

Witsoonetocht

Witsoonestappers Krombeke

21 juli 2007

 

Het piepkleine Krombeke , ergens verscholen in het Poperingse hoppeland , leeft volledig in ban van ridder Cornelius Witsoone , zo ook de plaatselijke wandelclub die er haar naam wist aan te verbinden met ‘ de Witsoonestappers ‘.

Het is dan ook een lange tijd geleden , dat op een  zomerse dag , in de bossen van Krombeke , Ridder Witsoone verdwaalde en hij alle hoop bleek te hebben opgegeven. Ware het niet dat hij na 72 uur rondzwerven en de uitputting nabij , plotseling de Angelusklokken hoorde luidden. Hij ging op het geluid af en kwam uiteindelijk in Krombeke terecht. Uit dankbaarheid schonk hij de arme bevolking van het dorpje 72 ellen grond en gaf hij de opdracht aan de bevolking elke avond de klokken van Krombeke 72 keren te slaan , gelijk aan het aantal uren dat hij verdwaald was in het bos.

Vandaag ligt het dorpje er bij onze aankomst nog slaperig en rustig bij , maar zou het in de loop van de dag een ongewone drukte etaleren , waarbij Krombeke op deze Nationale Feestdag terug een hoogdag vierde gelijk ten tijde van haar legendarische paardenstratenkoers.. De Witsoonestappers hielden er immers hun ‘ Witsoonetocht ‘ meteen een reden te over om in het zog van Ridder Witsoone , te genieten van een stukje Hoppeland en vooral van de bossen rond Sint Sixtus met zijn wereldvermaarde abdij en heerlijk trappistenbier.

Vanuit het Cultureel Centrum ‘ De Bampoele ‘ trokken we eventjes rond het Sint Blasiuskerkje met het nostalgisch kerkhof eromheen . Veel stappen hadden we echter niet van doen om algauw via de “ Graaf van Hoorn “ de landelijkheid in te duiken, alwaar we meteen met volle teugen genieten in de groene romantiek van weidse valleien met zijn prachtige hommelhoven, vrome kapelletjes en de onvergetelijke landschappen van het heuvelland op de achtergrond. Slingerende wegels , schaduwrijke groene doorsteekjes en wiegende landerijen van maïs en tarwe  laten ons een boogje rond Krombeke maken , alwaar  na 5 kilometer een aftands verkeersbord  de heilige gronden van Sint-Sixtus en zijn trappistenbier aanduid en we zo een eerste maal mogen rusten.

We kiezen resoluut om dit heerlijk nobel godendrankje op dit vroege uur nog aan ons te laten voorbijgaan , waarna fraaie groene wandelpaden ons nu volledig indompelden in het Hoppeland. Het Sint Sixtuswandelpad neemt ons  geruime tijd mee door het landbouwgebied dat van oudsher deel uitmaakt van de hoppestreek rond Poperinge. Voor het eerst op ons traject maken we kennis met de intense teelt van de hopperanken , waarna iets verder we een tijdlang mee mogen golven langs de rand van een stukje Bardelenbos  en een leuke veldweg langs de bosrand midden in de velden ons laat kennis maken met de Britse militaire Dozinghem begraafplaats met zijn 3239 graven. De indrukwekkende gebouwen van de abdij blijven een gestadige leidraad gedurende deze lus , daar alwaar de monniken in hun wit-zwarte pij net pinguïns lijken en er een leven lang , zoekend naar God , een stil en bescheiden leven proberen te leiden maar bovenal ook wel een ‘ goddelijk ‘ drank brouwen.

   krombeke 21072007 010 - kopie

klik op de foto om de bijhorende fotoreportage

 

Uiteraard meteen ons volgend stapdoel , en wie onder de wandelaars of wielertoeristen kent deze abdij niet omwille van haar heerlijk trappistenbier. De abdij kwam er dank zei ene Jan Baptist Victoor die hier in 1814 de eenzaamheid kwam opzoeken en in 1831 van de trappisten van de Catsberg de toestemming kreeg om ter plekke een klooster van dezelfde orde op te richten en ondertussen hoort tot één van onze zes Belgische gerenommeerde trappistenabdijen alwaar bier wordt gebrouwen.

Wie zich een kratje van dit geneugten des levens wilde toe-eigenen kwam van een kale reis terug want alles was in de abdij uitverkocht. Wie zich aan het heerlijke gerstenat wilde vergenoegen moest zich begeven naar het nabijgelegen etablissement ‘ in de Vrede ‘ en laten we eerlijk zijn de pater van West-Vleteren , is niks voor niks ooit eens uitgeroepen geweest tot het beste bier ter wereld met alle gevolgen van dien … ja een afrodisiacum alwaar ook wij deze maal niet konden aan weerstaan. Vergeef ons Witsoonestappers … onze zonde , dat wij er ééntje dronken op een ander …

Een vrome dreef leidde ons hierna in de richting van een bedevaartsgrot uit 1921, gebouwd met brokken steen uit de bossen rond de trappistenabdij van Rochefort. Smal en pittoresk slingerde het wegje zich nu langs de bosrand van het Bardelenbos , waarna we op een nagenoeg rustige wijze de laatste rust bereikten op een boerderijtje na 13 kilometers. Een leuke , doch smeuïge veldweg geprangd tussen de maïs en daar ligt het kerkje van Krombeke alweer binnen handbereik. Een onderhoudende wegel tussen de landerijen zet ons terug af in de dorpskern , nog eventjes wat ‘ stratenlopers ‘ spelen , want we moesten toch de aankomstzaal zien te bereiken.

Het gezellig zaaltje en ondertussen reeds heerlijk weertje nodigt menig uit tot wat nakletsen aan de hand van een Hommeltje of het patersbiertje van ‘t Kapittel. Opeens luidt de klokkentoren van Krombeke 72 keer … oei al zo laat , tijd om huiswaarts te keren willen we gelijk ridder Witsoone niet verdwalen in de bossen van Sint Sixtus …

Mannen van de Witsoonestappers bedankt voor de heerlijke ontvangst , het schitterend wandeltraject en ongetwijfeld tot nog eens in het Poperingse Hoppeland …

21:08 Gepost door stefba in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

21-04-07

in 't bubbelend landschap van ' La Montagne de Reims '

35° Randonnée Pédestre de la Montage de Reims

Rando Reims -  14&15 april 2007

 

DAG1

 

Een mens moet soms na enkele drukke werkweken , de teugels losgooien. En hoe kan dit beter dan er een verlengd weekend op uit te trekken , waarbij cultureel en culinair genot en zelfs een tikkeltje wandelen gepaard gaan.

We trokken er dan ook voor enkele dagen tussenuit , naar één van de meest geliefde streken voor een weekendverblijf , met name de " Champagnestreek ". Een prachtige omgeving vol ingrediënten voor een geslaagde trip met een combinatie van prestigieuze champagneboertjes , historische monumenten , lekker eten en bovenal een leuke wandeltweedaagse in het hartje van ' la Montagne de Reims '.

We zouden er namelijk deelnemen aan de 35ste Randonnée Pédestre dans la Montagne de Reims , een organisatie van de Franse wandelvereniging ' Reims Rando '. Een wandelclub die blijkbaar niet aan haar proefstuk toe is en reeds deze internationale wandeling voor de 35ste maal organiseerde , meteen een lustrum editie die op de twee dagen zo'n 800 deelnemers mocht verwelkomen.

Dag 1 , vond dan ook plaats onder het teken van de Marnevallei. Een aanlokkelijk ochtendzonnetje brengt ons naar het dorpje Dizy.
Een dorpje dat eertijds bekend stond om zijn steenbakkerij blijkt duidelijk wanneer de aanvangskilometers ons langsheen enkele imposante inrijpoorten van diverse champagnehuizen loodsen en menig baksteen de merktekens 'DZ' dragen.

Een poosje verder vormt de groenrijke omgeving van het kanaal van Dizy onze metgezel. Dienend om het transport van de bakstenen is het kanaal heden ten dage omgevormd tot een rustige oase voor visser en sportieveling.

Tussen de groene doorsteekjes vangen we her en der reeds een glimp op van de wijngaarden die de majesteuze vallei van de Marne overheersen. Meteen sturen de wandelpaden ons steeds dieper in het bubbelend landschap van de pinot noir en de pinot meunier. De druivensoorten die hier grotendeels worden gebruikt voor de koninklijke godendrank.

Veel verder , op de topheuvel , weerspiegelen de wijngaarden zich van gekende champagnehuizen alszijnde Veuve Cliquot en Moët & Chandon. Vanaf de wegel die de heuvel nu omtrekt , gunnen we onze ogen een enig zicht op de vallei en de hoofdstad van de champagne ' Epernay '.

 

  

De weg zou ons tenslotte brengen in de richting van Hautvillers " le berceau du champagne ". Het was hier dat " Dom Pérignon " de champagne zou hebben uitgevonden. Dit laatste strookt echter niet volledig met de werkelijkheid. Dom Pérignon bracht enkel een aantal verbeteringen toe en introduceerde dan ook " de méthode champenoise " die we nu als kwaliteitsproduct kennen. Ga dit echter nooit gaan vertellen aan de inwoners van dit lieflukkig dorpje , want ze zouden u meewarig gaan bekijken.

De naam van het dorpje laat het al vermoeden ' haut ' betekent hoog , zodat onze wandelweg zich stijgend voert langs de uitgestrekte wijngaarden en ons tenslotte langs de oude muren van de voormalige Benedictijnenklooster binnen loodst in misschien wel het mooiste dorpje van de ganse champagnestreek met zijn fraaie huisjes en smeedijzeren uithangborden. Het befaamde champagnehuis Moët & Chandon heeft dan ook het klooster ingericht als museum en de oorspronkelijke kloostercel en labo van Dom Pérignon nagebouwd. De befaamde wijnbouwer ligt dan ook nog steeds begraven in de abdijkerk.

Via enkele schattige dorpsstraatjes slingeren we ons verder naar het hartje van dit pittoreske dorpje , alwaar een uitnodigend terrasje van de plaatselijke estaminet zorgt voor een pitstop à la flamende. Op de gevel prijken de ambachten van ' le dégorgeur en le remueur '

Een belgische trappist op franse bodem lijkt inderdaad nogal een merkwaardige combinatie , maar het krikte in ieder geval ons vochtgehalte terug de hoogte in alvorens onder een verschroeiende hitte midden april het laatste deeltje aan te vatten die ons moest brengen naar het dorpje Champillon.

We wandelen tussen de plantages over de vettige leemgrond naar de sluimerende dorpjes, vanwaar we weer opklimmen naar een imposant stukje loofbos dat zich in een veelkleurige compositie boven de druivenplantages uitstrekt. Daarboven genieten we van weidse vergezichten over het kleurige landschap en het dorpje zelf.

In de schaduw van het plaatselijk kerkje wacht ons een verrassing aan de hand van een alternatieve barbecue. Waarna we voldaan nog eventjes flaneren langs de pittoreske straatjes van Champillon met zijn vele champagneboertjes en deze eerste dag volstrekt tevreden beëindigen.

DAG 2

 Het was vanuit het pittoreske dorpje ‘ Avenay Val d’or ‘ dat dag 2 van ons wandelverblijf in de Champagnestreek zou aanvangen. Merkwaardig genoeg viel het ons meteen op dat heelwat meer gegadigden dan gisteren, deze tropische zondag zouden trotseren in het teken van ‘ La Montagne de Reims ‘.

En zoals de naam van de tocht reeds laat vermoeden , werden we na enkele best te pruimen schermutselingen door de leefkern van het champagnedorpje meteen op de proef gesteld met een stevige beklimming in de richting van een stukje groen. Verscholen in de dalbedding , temidden van heuvelruggen volgestouwd met wijnranken in oneindige rijen onthulde zich een enig zicht op het kleine dorpje van Mutigny en ‘ le parc naturel régionale de la Montagne de Reims ‘.

Reeds enige tijd volgden we nu resoluut ‘ le sentier du vigneron ‘. Een educatief leerpad over de ambacht van de champagnecultuur, waarna we werden losgelaten op de majestueuze bospaden van het immense woud. In de sporen van reeën en everzwijnen ritselden onze wandelsloffen zich een weg door dit enig palet van ontluikend groen, alwaar de schitterende slierten van anemoon en wild viooltje kleurrijk contrasteerden met de kaarsrechte boomdreven. Om de hoek of andere dreef , trok telkens een nieuw subliem natuurbeeld de bovenhand.

Hierna kronkelden op- & neergaande smalle wandelpaadjes zich een weg langs immense water- & modderpoelen . Best ontwijken uiteraard tot we doorhadden dat de sporen die we ontwaarden, van everzwijnpoten waren en deze plaatsen dienden als baadplaats voor de lieflijke diertjes.

Kort hierna treffen we midden het woud een geïmproviseerde controle en gratis ravitaillering. Eventjes aanschuiven voor een bekertje frisdrank , een appeltje en chocoladekoek en we kunnen er terug tegenaan voor de resterende kilometers.

Het bospad zocht verder zijn weg langs rijkelijk bebloemde bermen , waarna een kanjer van een holle wegel met eikenbomen hoog boven ons, ons tenslotte langs de bosrand bracht. De weg klimt zachtjes, een champagneborder markeert de top van de heuvel , eens boven openbaart ‘ la Montagne de Reims ‘ zich in volle glorie. Een weids landschap van beboste heuvels , graanakkers en vooral uitmuntende parelende wijngaarden : net een gebied in geschenkverpakking.

Van ver priemde reeds het Sint-Tristankerkje van Avenay Val d’or aan de horizon , het eindpunt van onze Randonnée Pédestre. Een gratis glaasje ‘ Brut Tradition ‘ wordt ons aangeboden , we nemen meteen de tijd om op adem te komen na een zoveelste adembenemende ontdekking en heerlijk wandelweekend in de ‘ Champagne ‘.

 

Bekijk tevens de bijhorende fotoreportage , door op onderstaande foto te klikken 

IMG_9127

 


17:02 Gepost door stefba in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Als de graven van Vlaanderen in 't Houtland ...

23° Verloren kosttocht

Nacht van Vlaanderen Torhout

4 maart 2007

 

Telkenjare , begin maart staat de Verloren Kosttocht van Wsjv Nacht van Vlaanderen Torhout garant voor een ongeëvenaarde zwerftocht door het Houtland. Met een nieuwe parcoursmeester in het verschiet waren we wel benieuwd of ook nu de hoge reputatie van deze wandelklassieker in ere zou worden gehouden.

Bij onze aankomst in de Sparrestede , bleek al duidelijk dat velen daarbij de openingstocht van de Super 7 wandeltrofee absoluut niet wilden missen , zodat na enig aanschuiven en geduld ook wij onze inschrijvingskaart konden bemachtigen en vol verwachtingen onze tocht aanvatten via de aanpalende sportterreinen.

Aanvankelijk zorgden wat ontwakende dorpsstraten en het stadscentrum , waarbij de voornaamste bezienswaardigheden voor één keer achterwege werden gelaten , ervoor dat we feilloos in de richting van de wijk Don Bosco afstevenden. Weinig benijdenswaardige ouverture weliswaar die ons reeds na een paar kilometers de rustplaats inloodste voor een eerste afstempeling in “ de Bosgalm “.

Gelukkig stuurde kort hierna een prachtig karrenspoor ons tussen de velden , zodat we onze blikken eindelijk konden uitzwermen op het plateau van de Tuimelaar en het nabijgelegen Bos van Wijnendale. Een keur van heerlijke boswegels loodste ons door dat enig mooi streepje ontluikend groen , waarna we ons mochten opmaken voor één der absolute blikvangers van deze tocht : een rondje rond het historische middeleeuwse waterslot van de graven van Vlaanderen en een tweede rust in het kader van de oude kasteelschuur.



Op een boogscheut lag het dorpje Wijnendale , alwaar vooralsnog enkele dorpswegels tussen de behuizing sporadisch afgewisseld met kramikkige kerkwegels ons lieten flirten met de grens van Ichtegem en ons andermaal feilloos loodsten naar een derde rust in het plaatselijke parochiezaaltje.

Het zaaltje zou meteen zorgen voor een belangrijke ommezwaai in ons wandelavontuur. Want meteen stuurde de volgende lus ons al regelrecht door het Provinciaal Domein d’Aertrycke. Een uitgestrekte kennismaking van dit natuurgebied bracht ons tenslotte langs de zijkant van het gelijknamig kasteel. Waarna we resoluut de boer opgingen via enkele puur natuurlijke privé-doorsteekjes van het Bos Pierre de Maere en het ware Houtland eindelijk tot zijn recht kwam. Het zou ons terugbrengen aan de ingang van kasteel d’Aertrycke , van waarop we voorbij een indrukwekkende mammoetboom een enig beeld kregen op de voorkant van het sprookjesachtige kasteel dat zich idyllisch weerspiegelde op de watervlakten. Via een bisnummertje door het domein belandden we zo opnieuw in Wijnendale. En blijkbaar had het zaaltje iets mythisch of mysterieus in zich , want nu zorgde het toch wel voor een ommezwaai in de weersomstandigheden. Een fikse regenbui deed menig de das om , want wie had van de morgen bij dit heerlijk wandelweertje gedacht aan een ommezwaai. Gelukkig hadden wij ons regenscherm bij , zodat we de terugweg konden aanvatten via een resem van boeiende wandelpaadjes van het Verloren Kostdomein en de majestueuze privé-dreef ons afzette in een ander klein natuurgebiedje van de Warande.

Met een verademende avontuurlijke doortrek langs enkele hooggelegen weiden werd dan ook een einde gebreid aan deze 23ste Verloren Kosttocht. Waarbij we toch ditmaal duidelijk de kwinkslagen en exclusieve tussendoortjes van bezieler Willy Casier op onze 26 kilometers langen wandelescapade hadden gemist.

16:24 Gepost door stefba in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

10-07-06

IN DE VOETSPOREN VAN ADRIAAN BROUWERS ...

Adriaan Brouwerstocht

Hanske de Krijger Oudenaarde

8 juli 2006

 

In het kader van « Vlaanderen Feest « en vooral « Vlaanderen Wandelt « leek ons een wandeling in en rond de tweede cultuur historische stad van Oost-Vlaanderen wel een leuk uitje. Oudenaarde heeft dan ook heelwat bezienswaardigheden te bieden , met zijn gotisch stadhuis met lakenhalle pronkend op de grote markt , zijn middeleeuwse Kasselrijhuis , zijn statige Sint Walburgakerk , begijnhof , Abdij van Maagdendale en zoveel meer ...

Met daarnaast de Adriaan Brouwerstocht van de plaatselijke wandelclub Hanske de Krijger kon onze dag niet meer stuk , zo dachten we ...

In het zog van de Sint Walburgakerk vonden we in al de drukte van de aankomende festiviteiten dan toch nog de inschrijvingsplaats , na een halfuurtje zoeken naar de nodige Mars-pijlen. Blijkbaar was komende uit de richting van Waregem , het aanbrengen van enige markering geen overbodige luxe geweest, maar wij hebben er in ieder geval geen gezien.

Enfin , na de nodige frustaties en commoties konden we dan toch nog beginnen aan onze wandelescapade , die ons in de schaduw van de Onze Lieve vrouw van Pamelekerk meteen langs het jaagpad van de Schelde stuurde. Een hele poos moesten we ons tevreden stellen met de deinende golven van het water , de weerspiegeling van het wateroppervlak , de fleurige berenklauw en klaproosbermen en de uitgestrekte kale vallei van de Scheldemeersen. Weliswaar weinig spectucalair , maar vooral rustgevend ...

Uiteindelijk mochten we dan de Scheldeoevers verlaten , voor een eerste stukje onverhard die ons erlangs de prachtige abdij van Beaulieu zou sturen. Het was de Gwijde van Dampierre die in 1286 de baronie van Petegem kocht en de burcht herstelde. Zijn vrouw, Isabella van Namen, stichtte er een vrouwenabdij der Arme Klaren. De abdij werd op 26/12/1293 betrokken.
Gedurende 5 eeuwen bleef het klooster van Beaulieu bestaan tot bij het decreet van 1783, toen door Jozef II vele kloosterorden werden opgeheven. In 1786 werden al de gebouwen verkocht en grotendeels afgebroken. Ondanks het bewogen verleden getuigen deze gebouwen nog van een eens zo rijke geschiedenis. De huidige eigenaar is Yvan Faveere uit Wortegem die het gastenkwartier en de ingangspoort aankocht en helemaal wil laten restaureren. Het kapelaanshuis is eigendom van de familie Libert. In de ingangspoort bevindt zich het wapenschild van Gwijde van Dampierre (Guy de Dampierre, comte de Flandre).


Ondertussen bevonden we ons op het grondgebied van Petegem , alwaar een prachtig zicht op het deinende landschap der Vlaamse Ardennen nooit veraf is. Eventjes neemt de entourage van de befaamse Golf & Countryclub van Petegem ons op sleeptouw , tussen de groene doorsteekjes door kunnen we af en toe een kijkje gaan nemen naar de holes en het gerestaureerde kasteel van de heren van de La Croix d’Ogimont.

Tenslotte belandden we definitief tussen de behuizing , alwaar in dezelfde tijdsgeest als de abdij van Beaulieu zich het romaanse kerkje van Petegem weerspiegelt en we ietsje later in het Rozenhof een rust aantreffen.

Hierna volgen we een tijdlang een asfaltstrook doorheen het typische glooiende landschap van de Vlaamse Ardennen. Grote landbouwbedrijven midden golvende vruchtbare kouters en akkers trekken er onze aandacht , tot we aan de horizon het kraakwitte kerkje van Moregem ontwaren. Meteen ons volgend stapdoel. Net over de Doornkapel neemt een geïmproviseerde landweg tussen een aardappelveld ons op sleeptouw. We richten ons tot het geklasseerde dorpsgezicht van Moregem met zijn prachtig Sint Pietersstoelkerkje , net voor het kerkje loodsen enkele staptegels ons terug de landelijkheid in op zoek naar de Beverse Vierschaar.

Het gros van deze wandeling hadden we blijkbaar reeds gehad , waarbij we ons nu een tijdlang moesten tevreden stellen met enkele drukke steenwegen en huisjes kijken van het gehucht Huttegem. Reeds van ver prijkte de statige toren van de Sint Walburgakerk aan de horizon , meteen ons richtpunt voor het beëindigen van deze tocht.

We werden vooreerst nog door de brouwerswagen van Roman , getrakteerd op een fris Adriaan Brouwersbiertje , en met dit heerlijk wandelweertje konden we het niet weerstaan. Een groene doortrek langs de Donkvijver betekende dan ook het einde van deze matige wandeling.

Dat de mannen en vrouwen van Hanske de Krijger heelwat beters in petto hebben, werd ons in het verleden al meermaals bewezen ... en enigszins ontgoocheld zochten we dan maar ons vertier en plezier op in het historische centrum van Oudenaarde ...

Maar dit is een ander verhaal !

21:42 Gepost door stefba in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |